Over generaties en de veranderende wereld

Get Microsoft Silverlight
Bekijk de video in andere formaten.

In grote lijnen is het woord ‘generatie’ te onderscheiden in twee categorieën:

  • Alle individuen die via een bepaald aantal tussenstappen afstammen van een individu – Biologie
  • Bij uitbreiding: alle personen die in of rond een bepaalde periode zijn geboren – Sociologie

Deze laatste zal ik nader bekijken in het kader van mijn onderzoek.

Een generatie is in sociologische betekenis, is een categorie mensen die tot dezelfde leeftijdsgroep behoort en te maken heeft met gemeenschappelijke eigenschappen die individuele verschillen kunnen domineren.Als individu is men het product van zowel ouders als omgeving; het tijdsgewricht waarin iemand opgroeit is mede bepalend voor wie iemand is. Alle individuen die rond een bepaalde tijd zijn opgegroeid vormen samen een generatie die collectief invloed uitoefent op hun medemens en op de samenleving als geheel.

Hoe lang duurt een generatie dan? – Een generatie wordt vaak omschreven als een categorie mensen die tot eenzelfde leeftijdsgroep behoren en te kampen hebben gehad met dezelfde problemen in de levensloop.Als je het over de vorige generatie hebt, dan heb je het over de generatie van je vader en je moeder. Als je over een generatiekloof praat dan bedoel je een groot verschil van opvatting (bvb. over normen en waarden) tussen naast elkaar levende generaties. Dit zijn de biologische generaties. Hoe lang een generatie duurt is moeilijk te zeggen, want sommigen mensen krijgen hun kinderen op hun zestiende jaar, anderen op hun veertigste. Hierbij is de grens moeilijk aan te geven en in termen van mijn onderzoek minder relevant.

De grens is echter makkelijker aan te geven als de generatie ingedeeld is op andere kenmerken: Hier komen we terug bij de sociologische generatie. Denk hierbij bijvoorbeeld babyboomers, jaren ’60, vooroorlogse generatie, etc Hier bevinden we ons in het maatschappelijke klimaat van een generatie.Het woord generatie kan ook voor andere zaken dan leeftijdsgroepen worden gebruikt: bij bijvoorbeeld computertechniek of spelcomputers spreekt men ook over generaties. Deze worden dan gekenmerkt door technische vooruitgang.

Uit de manier waarop de bevonden generaties zich ontwikkelden in de westerse wereld kunnen we, rekening houdend met de hedendaagse maatschappelijke situatie, proberen te vatten op welke manier deze evolutie zich zal verder zetten.

Welke zijn dan deze sociologische generaties en welke impact hebben ze (gehad)? (in de Westerse wereld)

Vooroorlogse generatie (geboren in de periode 1910-1930) – grotendeels gevormd door de crisis van de jaren dertig. Gemeenschappelijke eigenschappen zijn: plichtsgetrouw, bescheiden, spaarzaam en berustend. Gezag van kerk en staat is bijna absoluut en het geloof geeft veel steun. Vrouwen zorgden voor kinderen en het huishouden, de mannen gingen werken. Deze mensen vormen de hoogbejaarde, in veel gevallen zeer conservatieve tak van onze huidige samenleving.

Stille Generatie (geboren in de periode 1931-1940) – deze generatie bleef trouw aan het gezag (i.e. de stille generatie). In deze tijd van wederopbouw kon je door je werk hogerop klimmen op de sociale ladder. Amerika was het grote voorbeeld: vrolijke gezinnen, kleurrijke interieurs en een enorme opmars van huishoudelijke apparaten. Zo werd ook de auto een statussymbool. Deze generatie is de gepensioneerde tak van onze huidige samenleving, ze zijn over het algemeen spaarzaam ingesteld.

Protestgeneratie (geboren in de periode 1941-1955) – deze generatie is de zogenaamde Babyboomgeneratie. Deze generatie werd gevormd in een periode van stijgende welvaart en kende geen armoede of massale werkloosheid. Naar het voorbeeld van de VS resulteerde massale zelfontplooiing, burgerlijke ongehoorzaamheid, geestesverruimende middelen en een vrije seksuele moraal (lees: flowerpower) in een nieuwe levensstijl. Alom geweten barstte in 1968 de bom en de aanslepende onvrede bij jongeren leidde in heel West-Europa tot protest. Er ontstond voor het eerst een grote verdeeldheid: een vrijgevochten protestgroep en een meer behouden meerderheid. In de jaren ’60 werd ook de kiem gelegd voor het Postmaterialisme: geloof in solidariteit, emancipatie en duurzaamheid, het terug naar de natuur en het werken aan een betere samenleving. Zij zijn in onze huidige samenleving vaak gekenmerkt door een groot kapitaal vermogen en een hoge levensstandaard.

Verloren generatie (geboren in de periode 1956-1970) – ook wel de Generatie X / Generatie Nix. Waarom? Deze generatie kreeg te kampen met massale jeugdwerkloosheid. Ook maakten ze, vanwege het gevaar van aids, het einde van de seksuele vrijheid mee. Voor het eerst werd er geëxperimenteerd met verschillende samenlevingsvormen (bvb. niet meer direct vanuit het ouderlijke huis trouwen). De jeugdcultuur manifesteerde zich met de komst van fenomenen als MTV. Meer en meer werd de kwaliteit van het leven belangrijker, wat gevonden werd in het ontstaan van bijvoorbeeld parttime werken, tweeverdieners of anderhalfverdieners. De levensstandaard steeg. In onze huidige samenleving is deze generatie over het algemeen praktisch ingesteld, relativerend en wordt ze gekenmerkt door een no-nonsensementaliteit.

Pragmatische generatie (geboren in de periode 1971-1985) – dit zijn veelal de kinderen van de protestgeneratie. Zij kregen gelijke kansen, grote vrijheid en keuzes. Zelfontplooiing staat als levensmotto centraal: werk is belangrijk maar levensgeluk dan nog belangrijker. Ouders staan minder ‘boven’ hun kinderen maar wel ‘ernaast’. Op latere leeftijd stellen zij fundamentele keuzes als ouderschap en beroepskeuze uit.

Grenzeloze generatie (geboren vanaf 1986) – niet verrassend ook de Digitale Generatie genaamd. Kinderen zijn al vroeg actief met technologie: SMS, profielsites en MSN. Voor deze kinderen zijn de nasleep van 9/11, de dotcom bubble –tussen 1997 en 2001 rezen de waarden op de aandeelmarkt snel als gevolg van de internet-sector en daarvan afhankelijke bedrijven, gevolgd door een wereldwijde recessie die in de meeste westerse landen onverwacht langdurig was- en moeilijke economische omstandigheden vormend. Vanuit de commercie hebben marketeers de jongerencultuur ook getypeerd als de Achterbankgeneratie (ouders regelen alles voor hen), Knip-en-plak Generatie (er is niets nieuws meer onder de zon, alles is al een gedaan), Mediageneratie (men communiceert makkelijker digitaal dan face-to-face), Einstein Generatie (jongeren van nu zijn slimmer, sterker en socialer) en Generatie Y (als opvolger van Generatie X: verwend/vertroeteld, zelfverzekerd en opgegroeid met een grote technologische vooruitgang).

Conclusie

Er is een duidelijk patroon waarneembaar in de manier waarop de beschreven generaties zich voordoen en ontwikkeld hebben. De cyclus begint in een stabiel waarden- en normenpatroon dat algemeen aangenomen wordt en waar men zonder veel vraag of reactie in meedraait. Zoals dit de mens in zijn meest fundamentele wezen kenmerkt, gaat de samenleving enkel vooruit, achteruitgang kent men niet. Dit is dan ook een vanzelfsprekende evolutie waar men niet bij stilstaat. Tot men op een maatschappelijk ‘hoogtepunt’ komt –i.e. de Verloren Generatie als reactie op de enorme percussie die WOII met zich meebracht- en deze stabiliteit onvermijdelijk verstoord wordt. Een radicale verandering in de maatschappelijke opvatting is het gevolg. Zoals er na regen altijd zonneschijn komt, komt er na elke piek een dal. Toch wordt de samenleving terug stabieler, zij het op een andere manier. De levenstandaard stijgt terug en vooruitgang blijft. Tot we komen bij de huidige jonge generatie, die gekenmerkt wordt door een grote vertrouwdheid met technologische vooruitgang. De samenleving ondergaat de laatste jaren grote veranderingen, wereldwijd. En er staat een nieuw ‘hoogtepunt’ aan te komen. Welke kenmerken zullen de volgende generatie typeren?

De 21e eeuw gaat over identiteit

Door de Communicatie- en informatiemaatschappij worden grote verschillen in onze samenleving duidelijk. Dit is een fenomeen dat we kennen onder de naam van globalisering. Ook het vertrouwde beeld op verscheidene gebieden verschuift wereldwijd, denk bijvoorbeeld maar aan de opkomende Aziatische wereld op het gebied van economie en technologie.

In de geschiedenis was de mens steeds omringd door gelijken, mensen met dezelfde geschiedenis, waarden, taal, … Door globalisering komen we terecht in een situatie van diversiteit.

Globalisering roept de volgende vragen op: “Kunnen we met deze verschillen leven?”, “Kunnen we gemeenschappen samen brengen?”. Hierdoor heerst er in de westerse wereld een zoektocht naar ‘Ik’ en naar identiteit. Om deze reden rust er een grote druk op de emotie van mensen.

In zijn boek: ‘De geopolitiek van emotie’ stel Dominique Moïsi, senior adviseur van het Franse Instituut voor internationale betrekkingen en hoogleraar aan het Parijse Institut d’Etudes Politiques en een van de bekendste politicologen van Frankrijk; dat de 21e eeuw er een zal zijn van angst in de westerse wereld. Moïsi deelt in de volgende generatie de wereld op in drie emotiegroepen. De emotie van de vernedering in de Arabische wereld, de emotie van de angst in de westerse, en de emotie van de hoop in China, India en delen van Zuid-Amerika door hun economische groei en ontwikkeling.

Charles Taylor, Canadees filosoof, hoogleraar filosofie aan de Oxford University en hoogleraar filosofie aan de McGill University, Montreal, Quebec, Canada; stelt dat de westerse wereld naast elkaar leeft en vervreemd is van elkaar. Als gevolg van een globalisering en technologische evolutie zijn we vandaag en morgen op zoek naar een ‘Sense of belonging’ : het verschil tussen een plaats waar ik toevallig ben en een plaats die ik ‘thuis’ noem, dit is een samenleving, society.Volgens Taylor komen we in een generatie terecht die algemeen met de volgende vragen zit: “Wie zijn wij?”, “Waar horen we thuis?”, “Wat willen we worden en waar willen we naartoe?”.

“Democratie en globalisering kan goed werken als we deze verandering inzien en die nieuwe basis ruimte geven om te groeien. Als men zich maar sterk met zichzelf en een ‘andere’ kan identificeren.”

Cfr. Charles Taylor

“In een goede samenleving maken we ruimte voor allerlei meningen en allerlei geloven. Een goede samenleving heeft genoeg zelfvertrouwen om zich niet te makkelijk te laten intimideren, om niet te bang te zijn. Maar de 21e eeuw wordt een eeuw van angst… Waarom? Omdat mensen gewend kunnen worden aan alles. Armoede went, ziekte went, oorlog went. Maar het enige wat nooit went is verandering.”

Cfr. Jonathan Sacks, theoloog en filosoof

Conclusie

Mensen zoeken naar samenleving en samenhang. In een wereld waarin waarden en normen vermengen en de informatiemaatschappij en de digitale wereld een grote rol spelen, is het uiten van een eigen identiteit een belangrijk fenomeen. Thuis wordt de enige plaats waar men nog baas is.

Men wil een groep creëren, een collectieve samenleving, maar dit zonder zijn eigen identiteit op te geven.Sense of belonging, het verschil tussen een plaats waar ik toevallig ben en een plaats die ik ‘thuis’ noem.

De 21e eeuw gaat over identiteit, zowel op het vlak van zelf weten wie we zijn en waar we horen, als op het vlak van tonen wie we zijn. Een veruiterlijking van de eigen identiteit.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: